ECLI:NL:CRVB:2011:BR1072
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correcte dagloonberekening bij Ziektewetuitkering ondanks betwisting appellant
Appellant, voorheen dakdekker, ontving een Ziektewetuitkering berekend op basis van een dagloon van €9,25, vastgesteld door het UWV volgens artikel 6 van Pro het Besluit dagloonregelen werknemersverzekeringen. Appellant betwistte deze berekening, stellende dat het dagloon geen juiste afspiegeling vormde van het loon dat hij bij Randstad had verdiend als hij niet ziek was geworden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad oordeelde dat appellant niet had betwist dat hij in het refertejaar geen loon had ontvangen zoals bedoeld in artikel 2 van Pro het Besluit en evenmin de door het UWV gehanteerde loonbedragen en dagloondagen had bestreden.
De Raad stelde vast dat het UWV de juiste toepassing van artikel 6 van Pro het Besluit had toegepast, waarbij het loon van de periode van 14 april tot 7 september 2008 werd gedeeld door het aantal dagloondagen in die periode, wat resulteerde in het vastgestelde dagloon. Het beroep van appellant faalde omdat zijn stelling niet strookte met de geldende wettelijke bepalingen.
De Raad besloot geen proceskosten toe te wijzen en bevestigde de aangevallen uitspraak van de rechtbank Maastricht. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 29 juni 2011.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV het dagloon correct heeft berekend en wijst het hoger beroep van appellant af.