ECLI:NL:CRVB:2011:BR1218
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- M.C. Bruning
- G.F. Walgemoed
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inhouding bezoldiging wegens ongeoorloofde afwezigheid ambtenaar
Appellante was in tijdelijke dienst bij de Dienst Justitiële Inlichtingen en werd overgeplaatst naar een penitentiaire inrichting. Zij verscheen zonder bericht niet op haar werk en voor een verplichte cursus op 6, 7 en 8 mei 2008. Na waarschuwingen en een huisbezoek weigerde zij haar werkzaamheden te hervatten. De minister hield haar bezoldiging over deze dagen in op grond van artikel 14 ARAR Pro wegens ongeoorloofde afwezigheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat zij een eigen verantwoordelijkheid had om zich correct ziek te melden, hetgeen zij naliet. In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar de Raad onderschreef de rechtbank en bevestigde dat de inhouding terecht was omdat sprake was van opzettelijk nalaten van dienst te verrichten.
De Raad wees een vergoeding van proceskosten af en bevestigde de aangevallen uitspraak. Hiermee blijft de inhouding van bezoldiging over 7 en 8 mei 2008 in stand.
Uitkomst: De inhouding van de bezoldiging over 7 en 8 mei 2008 wordt bevestigd wegens opzettelijk nalaten van dienst te verrichten.