ECLI:NL:CRVB:2011:BR1362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht
Appellant had een persoonsgebonden budget (pgb) van €5.750,78 toegekend gekregen voor begeleiding in 2009. Na een eindafrekening concludeerde Menzis dat appellant €850,78 moest terugbetalen. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in, maar betaalde het griffierecht niet binnen de termijn.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het niet betalen van het griffierecht, ondanks herinneringen en de mogelijkheid tot betaling binnen een extra termijn. Appellant gaf pas na ontvangst van de zittingsuitnodiging aan vanwege financiële problemen niet te kunnen betalen, maar had eerder contact moeten zoeken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank het beroep terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. Er was geen reden om te concluderen dat appellant niet in verzuim was. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.