ECLI:NL:CRVB:2011:BR1368
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek uitbreiding vergoeding huishoudelijke hulp wegens onvoldoende medische grondslag
Appellante, erkend als vervolgde in het kader van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv), verzocht om uitbreiding van haar vergoeding voor huishoudelijke hulp van een halve dag per week naar 9 uur per week vanwege toegenomen gezondheidsklachten.
Verweerder wees dit verzoek af, stellende dat appellante nog in staat was tot licht huishoudelijk werk en dat de medische adviezen dit standpunt ondersteunden. Tevens werd geoordeeld dat haar darmafsluiting en longklachten niet verband hielden met de vervolging.
De Raad bevestigt dat de medische adviezen voldoende grondslag boden voor het besluit. Hoewel een verschrijving in het besluit stond omtrent een operatie aan de darmafsluiting, zag de Raad hierin geen reden tot vernietiging. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot uitbreiding van huishoudelijke hulp wordt afgewezen.