ECLI:NL:CRVB:2011:BR2420
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loonsanctie wegens ontbreken tijdige probleemanalyse re-integratie
De zaak betreft een hoger beroep van een werkgever tegen een loonsanctie opgelegd door het UWV wegens het ontbreken van een tijdig en compleet re-integratieverslag, met name een probleemanalyse. De werkgever stelde dat de probleemanalyse reeds in 2006 was toegezonden en dat een advies voor werkhervatting van juni 2006 gelijkwaardig was aan de probleemanalyse.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard omdat de werkgever niet aannemelijk had gemaakt dat de probleemanalyse in 2006 was ingediend en dat het advies voor werkhervatting niet als vervanging kon dienen. De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze beoordeling en voegde toe dat er in 2006 nog geen verplichting bestond om de probleemanalyse aan het UWV te zenden, die pas ontstond na de WIA-uitkeringsaanvraag in december 2007.
De Raad benadrukte dat de probleemanalyse inhoudelijk uitgebreider en genuanceerder is dan het advies voor werkhervatting, onder meer doordat daarin werktijden en functieniveau zijn vermeld. De werkgever heeft in hoger beroep geen nieuwe feiten of argumenten aangevoerd die tot een ander oordeel leiden.
Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 20 juli 2011.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de loonsanctie blijft gehandhaafd.