ECLI:NL:CRVB:2011:BR3167
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit halvering vergoeding acupunctuur na een jaar wegens gebrek aan medische onderbouwing
Appellante, erkend als vervolgingsslachtoffer, maakte bezwaar tegen het besluit van de Sociale verzekeringsbank om de vergoeding voor acupunctuurbehandelingen na een jaar te beperken tot 15 behandelingen per jaar. Eerder was altijd uitgegaan van een medische noodzaak voor 30 behandelingen per jaar. Verweerder stelde dat vanwege richtlijnen en een overgangsperiode een beperking gerechtvaardigd was.
De Raad oordeelde dat de beperking van 30 naar 15 behandelingen niet medisch onderbouwd is en slechts op beleidsmatige gronden is gebaseerd. Dit besluit kan de rechterlijke toets niet doorstaan. Hoewel de vergoeding voor fysiotherapie en acupunctuur naast elkaar kunnen worden toegekend en fysiotherapie voor 24 behandelingen is toegekend, is de halvering van acupunctuur onhoudbaar.
De Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder binnen drie maanden een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante vergoed. Appellante was niet verschenen bij de zitting, verweerder werd vertegenwoordigd door een medewerker van de Sociale verzekeringsbank.
Uitkomst: Het besluit om de vergoeding voor acupunctuur na een jaar te beperken tot 15 behandelingen wordt vernietigd en een nieuw besluit op bezwaar wordt bevolen.