ECLI:NL:CRVB:2011:BR3543
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over herhaalde aanvraag Wajong-uitkering en toetsing nieuwheid feiten
Appellant, het UWV, had betrokkene aanvankelijk op 15 februari 2001 een Wajong-uitkering geweigerd wegens het ontbreken van informatie en detentie. Betrokkene diende op 19 juni 2008 een brief in waarin hij stelde het gebrek te willen herstellen, wat appellant als een verzoek tot herziening van het oorspronkelijke besluit opvatte. Appellant weigerde terug te komen op het besluit wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene gegrond, vernietigde het bestreden besluit en gaf opdracht tot een nieuw besluit. De rechtbank oordeelde dat appellant onterecht niet met terughoudendheid had getoetst en in strijd met het vertrouwensbeginsel had gehandeld.
In hoger beroep stelde appellant dat betrokkene geen nieuwe feiten had aangevoerd en dat het vertrouwensbeginsel niet was geschonden. De Raad overwoog dat alleen de beroepsgronden van appellant aan de orde waren en bevestigde dat de brief van 19 juni 2008 een herhaalde aanvraag betrof. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank omdat deze niet met de vereiste terughoudendheid had getoetst en verklaarde het beroep ongegrond. De Raad gaf aan dat appellant nog zal beoordelen of de brief als nieuwe aanvraag kan worden beschouwd, waarna betrokkene rechtsmiddelen kan aanwenden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van het UWV ongegrond.