ECLI:NL:CRVB:2011:BR4222

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
5 augustus 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-6 AOW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding bij vrijwillige verzekering AOW

Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn verzoek tot deelname aan de vrijwillige AOW-verzekering, omdat dit verzoek niet tijdig was ingediend. De Sociale verzekeringsbank (Svb) verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding. Appellant stelde beroep in tegen deze beslissing, maar dit beroep werd na onderzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift te laat was ingediend.

De rechtbank vroeg appellant om een toelichting op de overschrijding van de beroepstermijn, waarop appellant aangaf eind 2007 in Nederland te zijn geweest. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen, omdat het verblijf in Nederland ruim voor het bestreden besluit lag.

In hoger beroep voerde appellant aan ziek te zijn en terug te willen keren naar Nederland voor medische behandeling. De Raad stelde vast dat ook deze omstandigheden onvoldoende waren om het te late beroep te verontschuldigen. Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep. De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.

Uitspraak

11/6 AOW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats], Marokko (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 23 november 2010, 08/2384 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).
Datum uitspraak: 5 augustus 2011
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
De Svb heeft een verweerschrift ingediend.
Appellant heeft nadere stukken aan de Raad gestuurd.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 24 juni 2011. Appellant is daarbij niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door A. van der Weerd.
II. OVERWEGINGEN
1.1. Bij besluit van 12 oktober 2007 heeft de Svb aan appellant medegedeeld dat zijn verzoek om deelname aan de vrijwillige verzekering is afgewezen omdat dit verzoek niet tijdig is ingediend.
1.2. Bij beslissing op bezwaar van 15 april 2008 (hierna: bestreden besluit) heeft de Svb het door appellant ingediende bezwaarschrift van 26 december 2007 tegen het besluit van 12 oktober 2007 niet-ontvankelijk verklaard.
2.1. Op 17 juni 2008 heeft de rechtbank het op 9 juni 2008 gedateerde beroepschrift van appellant ontvangen. Op de enveloppe is een poststempel van de Marokkaanse posterijen van 10 juni 2008 geplaatst.
2.2. Bij brief van 20 juni 2008 heeft de rechtbank appellant gevraagd naar de redenen van de overschrijding van de beroepstermijn. Appellant heeft hierop gereageerd bij brief van 18 juli 2008. Hierbij heeft appellant aangegeven dat hij eind 2007 in Nederland verbleef.
2.3. In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank overwogen dat uit de reactie van appellant op de brief van 20 juni 2008 niet is gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan voor het achterwege laten van niet-ontvankelijkverklaring wegens de gestelde overschrijding van de beroepstermijn aanleiding zou kunnen bestaan. Het gestelde verblijf van appellant in Nederland ziet op een periode in 2007, welke periode ruim ligt voor de datum waarop het bestreden besluit aan appellant is verzonden. Het beroep is mitsdien niet-ontvankelijk verklaard.
3. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij ziek is en graag terug naar Nederland wil voor een medische behandeling.
4. De Raad overweegt als volgt.
4.1. De Raad stelt vast dat het beroepschrift na afloop van de beroepstermijn, eindigend op 27 mei 2008, is ingediend. Een na afloop van de termijn ingediend beroepschrift wordt niet-ontvankelijk verklaard, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener van het beroepschrift in verzuim is geweest. Evenals de rechtbank is de Raad niet gebleken van feiten of omstandigheden die aanleiding kunnen zijn de overschrijding van de beroepstermijn verschoonbaar te achten. Appellant heeft ook in hoger beroep geen gronden aangedragen die voor de onderhavige beoordeling van belang zijn.
4.2. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen slaagt het hoger beroep niet, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.
5. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door E.E.V. Lenos, in tegenwoordigheid van M.R. van der Vos als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 augustus 2011.
(get.) E.V.V. Lenos.
(get.) M.R. van der Vos.
III. DÉCISION
La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale),
statue:
confirme la décision attaquée.
Par conséquent, décidée par E.E.V. Lenos présence de M.R. van der Vos en qualité de
greffier, ainsi que prononcée en public, le 5 août 2011.
(get.) E.E.V. Lenos.
(get.) M.R. van der Vos.