ECLI:NL:CRVB:2011:BR4982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak Sociale verzekeringsbank
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek ingediend tot herziening van een eerdere uitspraak van 10 februari 2010, waarin haar bezwaar tegen de Sociale verzekeringsbank was afgewezen. Zij stelde dat haar handicap en medicijngebruik reden waren voor herziening.
De Raad overwoog dat herziening slechts mogelijk is op grond van nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden, zoals bepaald in artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht in samenhang met artikel 21 van Pro de Beroepswet.
Omdat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die aan deze voorwaarden voldeden, werd het verzoek om herziening afgewezen. Tevens werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak werd gedaan door M.M. van der Kade, in aanwezigheid van griffier T.J. van der Torn, en uitgesproken in het openbaar op 12 augustus 2011.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de onherroepelijke bestuursrechtelijke uitspraak is afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.