ECLI:NL:CRVB:2011:BR5414
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- C.W.J. Schoor
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging opschorting AOW-pensioen en intrekking WWB-uitkering wegens niet-rechtmatig verblijf
Appellant, een Joegoslavische staatsburger die sinds 1989 in Nederland verblijft, ontving vanaf maart 2007 een AOW-pensioen met korting en een WWB-bijstandsuitkering. In december 2007 besloot de Sociale verzekeringsbank (Svb) de betaling van het AOW-pensioen op te schorten en de WWB-uitkering in te trekken wegens het niet-rechtmatig verblijf van appellant sinds februari 2005.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep voerde appellant onder meer een beroep op artikel 8 EVRM Pro aan, stellende dat de maatregelen zijn menselijke waardigheid en privéleven schaden, en dat een afbouwregeling had moeten worden toegepast.
De Raad overwoog dat artikel 8 EVRM Pro bescherming biedt aan het privéleven, maar dat de staat een ruime beoordelingsvrijheid heeft, vooral bij niet-legaal verblijf. De opschorting en intrekking vormen geen disproportionele inbreuk op het privéleven van appellant, die bovendien niet aannemelijk maakte dat terugkeer onmogelijk was. De Raad oordeelde dat geen afbouwregeling verplicht was en dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden voor bijstand, zodat de beëindiging gerechtvaardigd was.
Het beroep op artikel 8 EVRM Pro en op artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM werd verworpen. De Raad bevestigde het bestreden besluit en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de opschorting van het AOW-pensioen en de intrekking van de WWB-uitkering wegens niet-rechtmatig verblijf.