ECLI:NL:CRVB:2011:BR5852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens ontbreken verband met zwangerschap of bevalling
Appellante was werkzaam als commercieel medewerkster en viel uit wegens zwangerschapsgerelateerde klachten, waarna zij een Ziektewetuitkering ontving. Na verschillende periodes van ziekte en uitkering stelde het UWV vast dat haar klachten geen gevolg meer waren van zwangerschap of bevalling en beëindigde de uitkering.
Appellante maakte bezwaar tegen deze beslissing en voerde aan dat de medische beoordeling onvoldoende was onderbouwd en dat de verzekeringsartsen geen specialisten zijn op het gebied van bekkenklachten. De bezwaarverzekeringsarts handhaafde echter het standpunt dat er geen verband meer was met zwangerschap of bevalling, gesteund door informatie van de huisarts, orthopedisch chirurg en bedrijfsarts.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat de arbeidsongeschiktheid nog gerelateerd was aan zwangerschap of bevalling. De Raad vond de medische rapporten en het onderzoek voldoende onderbouwd en zag geen reden om een deskundige in te schakelen. Het bestreden besluit tot beëindiging van de uitkering werd bevestigd.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van appellante wordt terecht beëindigd omdat haar arbeidsongeschiktheid niet het gevolg is van zwangerschap of bevalling.