ECLI:NL:CRVB:2011:BT1779
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten aanvraag arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onvoldoende gegevens
Appellant heeft in 2006 een aanvraag ingediend voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering met betrekking tot arbeidsongeschiktheid die in januari 1981 zou zijn ingetreden. Hij overlegde medische verklaringen en correspondentie, maar kon geen bewijsstukken aanleveren van zijn werkzaamheden in Nederland of van de ontvangst van ziekengeld.
Het UWV heeft appellant herhaaldelijk verzocht om nadere gegevens en bewijsstukken, maar appellant kon deze niet overleggen. Daarom heeft het UWV de aanvraag buiten behandeling gelaten op grond van artikel 4:5 Awb Pro. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd.
In hoger beroep stelt appellant dat hij voldoende gegevens heeft verstrekt. De Raad overweegt dat de verstrekte gegevens onvoldoende zijn voor een goede beoordeling en dat appellant redelijkerwijs over de gevraagde gegevens had kunnen beschikken. Gezien het tijdsverloop en de aard van de gevraagde bewijsstukken rust de bewijslast primair op appellant.
De Raad bevestigt het bestreden besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er zijn geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro aanwezig.
Uitkomst: De aanvraag van appellant wordt buiten behandeling gelaten wegens onvoldoende gegevens en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.