ECLI:NL:CRVB:2011:BT1790
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op WIA-uitkering bij psychische klachten en functionele beperkingen
Appellant, werkzaam als brugwachter, meldde zich ziek in januari 2007 en ontving een WIA-beoordeling na medische onderzoeken door artsen en een psychiater. De psychiater stelde een depressieve stoornis en ADD vast en arts Menco stelde een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) op met diverse beperkingen. Een arbeidsdeskundige concludeerde dat appellant geschikt bleef voor zes functies, met een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%.
Het UWV wees de WIA-uitkering af, wat in bezwaar en beroep werd bevestigd. Appellant voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat hij niet geschikt was voor functies op de reguliere arbeidsmarkt. De Raad oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was, de beperkingen niet waren onderschat en dat de medische gegevens onvoldoende steun boden voor het standpunt van appellant.
De Raad bevestigde dat de belastbaarheid van appellant niet werd overschreden door de functies waarop de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor toepassing van bijzondere bestuursrechtelijke maatregelen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant geen recht heeft op een WIA-uitkering wegens onvoldoende medische steun voor ongeschiktheid op de reguliere arbeidsmarkt.