ECLI:NL:CRVB:2011:BT1995
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij hennepkwekerij
Appellant ontving bijstand volgens de WWB en werd op 16 januari 2008 betrapt op het kweken van hennep in zijn woning. De politie trof 19 planten en apparatuur aan. Appellant verklaarde dat hij sinds december 2007 hennep kweekt voor medicinaal eigen gebruik vanwege reumatische pijnen. De Sociale Recherche stelde een onderzoek in, waarna het College de bijstand over de periode 1 december 2007 tot en met 15 januari 2008 introk en terugvordering van €1.543,19 vorderde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat hij niet in strijd handelde met zijn inlichtingenverplichting omdat de hennep uitsluitend voor eigen medicinaal gebruik was. De Raad oordeelde dat het kweken van hennep op de aangetroffen schaal niet als uitsluitend eigen gebruik kan worden beschouwd en dat appellant geen deugdelijke administratie voerde over omvang en opbrengst van de kweek.
De Raad stelde vast dat appellant zijn wettelijke inlichtingenverplichting schond door het niet melden van de hennepkwekerij, waardoor het College niet tijdig onderzoek kon doen naar de rechtmatigheid van de bijstand. Gelet hierop was het College bevoegd de bijstand terug te vorderen en in te trekken. Het hoger beroep faalde en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.