ECLI:NL:CRVB:2011:BT2281
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht meer op ziekengeld wegens geschiktheid voor eigen werk
Appellant meldde zich op 20 oktober 2006 ziek wegens spannings- en psychische klachten. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden en appellant ontving een Ziektewetuitkering. Het UWV verklaarde appellant per 12 september 2008 volledig geschikt voor zijn eigen werk, waarna het recht op ziekengeld werd beëindigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, mede op basis van een psychiatrisch rapport waaruit bleek dat geen psychiatrische stoornis aanwezig was, maar wel persoonlijkheidsproblematiek. De Raad onderschrijft dit oordeel en stelt dat appellant ondanks zijn beperkingen in staat is zijn maatgevende arbeid te verrichten.
In hoger beroep voert appellant aan dat hij lijdt aan PTSS, depressies en woede-aanvallen en niet geschikt is voor zijn werk. De Raad oordeelt dat deze klachten niet zijn onderbouwd met objectiveerbare medische gegevens en volgt het standpunt van de bezwaarverzekeringsarts dat appellant geschikt is. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd dat appellant per 12 september 2008 geschikt was voor zijn eigen werk en geen recht meer heeft op ziekengeld.