ECLI:NL:CRVB:2011:BT2524
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- T.L. de Vries
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Juiste berekening dagloon en geen aanmerkelijke starter bij Ziektewetuitkering
Betrokkene, die tijdens haar studie bijbaantjes had en later een dienstverband aanging, vroeg een Ziektewetuitkering aan na een scooterongeval. Het UWV berekende het dagloon zonder de inkomsten uit haar bijbaantjes tijdens de studie mee te nemen, omdat zij niet als starter werd aangemerkt.
De rechtbank had dit besluit vernietigd en geoordeeld dat betrokkene wel als starter moest worden beschouwd, waardoor de inkomsten tijdens de studie niet meegenomen mochten worden. Het UWV ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het begrip starter in artikel 6 van Pro het Besluit dagloonregels alleen geldt voor personen die in de referteperiode geen loon uit dienstbetrekking hebben genoten. Aangezien betrokkene gedurende de referteperiode wel loon ontving, kan zij niet als starter worden aangemerkt.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond, waarmee de berekening van het dagloon door het UWV werd bevestigd. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV tot dagloonberekening blijft in stand.