ECLI:NL:CRVB:2011:BT6568
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstandsuitkering in verband met WW- en WAO-uitkeringen
Betrokkene ontving naast een WAO-uitkering ook bijstand op grond van de WWB. Appellant, de gemeente ’s-Gravenhage, herzag de bijstandsuitkering wegens te hoge uitbetaling in verband met ontvangen WW- en WAO-uitkeringen en vorderde een bedrag terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit van 5 januari 2009, omdat niet onomstotelijk vaststond welke bedragen het UWV had uitbetaald en de berekeningen van appellant onvoldoende waren gemotiveerd. Appellant ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat appellant het terugvorderingsbedrag juist had berekend op basis van gedetailleerde specificaties van het UWV en dat betrokkene geen bewijs had geleverd dat de berekening onjuist was. Tevens stelde de Raad vast dat betrokkene niet verwijtbaar was en niet redelijkerwijs kon begrijpen dat zij teveel bijstand had ontvangen.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak met uitzondering van de griffierechtsbeslissing, verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 5 januari 2009 behoudens de vergoeding voor bezwaar, en herroept het besluit van 18 december 2007 voor zover het de terugvordering betreft. Tevens veroordeelde de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De terugvordering van bijstand wordt vernietigd en het eerdere besluit herroepen omdat betrokkene niet verwijtbaar is en de berekening juist is.