ECLI:NL:CRVB:2011:BT6778
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C. Bruning
- P.W.J. Hospel
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens niet tijdig indienen tegen beëindiging tijdelijke aanstelling
Appellante was tijdelijk administratief medewerkster bij de Dienst Werk en Inkomen van de gemeente Amsterdam. Op 7 januari 2010 werd haar meegedeeld dat haar tijdelijke aanstelling per 1 maart 2010 zou eindigen. Appellante diende bezwaar in tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd pas op 2 maart 2010 ontvangen, na het verstrijken van de zeswekentermijn die op 19 februari 2010 eindigde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat het bezwaar niet tijdig was ingediend. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar rechtspositie van rechtswege was veranderd in een vaste aanstelling op grond van de Nieuwe Rechtspositieregeling Gemeente Amsterdam, waardoor het bezwaar niet relevant zou zijn. Ook stelde zij dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was.
De Raad overwoog dat inhoudelijke bezwaren pas aan de orde kunnen komen als het bezwaar ontvankelijk is verklaard. Gezien de duidelijke ontvangst en verzending van het besluit en het tijdstip van het bezwaar, was de termijnoverschrijding niet verschoonbaar. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening binnen de bezwaartermijn.