ECLI:NL:CRVB:2011:BT7125
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging herzieningsbesluit WAZ-uitkering wegens onredelijk verzuimrisico
De zaak betreft het hoger beroep van het UWV tegen de vernietiging door de rechtbank van een herzieningsbesluit op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ). Het besluit had de arbeidsongeschiktheidsuitkering van betrokkene verlaagd van 80-100% naar 45-55%.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen van betrokkene niet werden onderschat, maar stelde dat het te verwachten ziekteverzuim van betrokkene te hoog was om van een werkgever te kunnen verlangen haar tewerk te stellen. De Raad vroeg een dermatoloog om nadere informatie over de wondgenezing en het ziekteverzuim. Uit deze gegevens bleek dat het verzuim door de huidaandoening 28,8% bedroeg, maar dat het UWV ten onrechte het ziekteverzuim door andere oorzaken niet had meegewogen.
De Raad concludeerde dat het totale structurele ziekteverzuim circa 30% bedroeg, wat de redelijke grens voor werkgevers overschrijdt. Daarom is het bestreden besluit in strijd met artikel 9 van Pro het Schattingsbesluit en kan de vernietiging van het besluit worden bevestigd. Tevens veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De vernietiging van het herzieningsbesluit wordt bevestigd omdat het ziekteverzuim van circa 30% de redelijke inspanning van een werkgever overschrijdt.