ECLI:NL:CRVB:2011:BT7452
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV; proceskosten en schadevergoeding
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Assen betreffende een WW-zaken. Het UWV heeft vervolgens op 30 december 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen, waarbij het tegemoet is gekomen aan appellant. Hierdoor heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van proceskosten en geleden schade.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat op grond van artikel 8:73a en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht het bestuursorgaan bij intrekking van beroep wegens tegemoetkoming kan worden veroordeeld tot schadevergoeding en kostenvergoeding. De Raad interpreteert het verzoek tot schadevergoeding als restitutie van onverschuldigde betalingen vermeerderd met wettelijke rente.
Omdat het UWV reeds een bedrag van € 14.959,55 plus rente heeft toegezegd aan appellant, ziet de Raad geen aanleiding voor verdere schadevergoeding. Wat betreft proceskosten wijst de Raad op eerdere vergoeding in bezwaar en begroot de kosten voor beroep en hoger beroep op € 966,--, die het UWV moet vergoeden. Het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen, het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 966,--.