ECLI:NL:CRVB:2011:BT7507
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijzondere bijstand taxivervoer dochter wegens onvoldoende medische gronden
Appellante ontvangt bijstand en heeft een dochter die niet zelfstandig kan reizen. Zij verzocht het College Tilburg om bijzondere bijstand voor taxivervoer van haar dochter naar school. Het College wees dit af, stellende dat openbaar vervoer met begeleiding een goedkoper alternatief is. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep betoogt appellante dat zij vanwege voetklachten niet in staat is de benodigde loopafstand te begeleiden en dat zij op twee dagen vrijwilligerswerk verricht. De Raad overweegt dat het College een medisch indicatieadvies heeft ingewonnen waaruit blijkt dat de voetklachten onvoldoende zijn om de loopafstand te weigeren. Het advies is zorgvuldig en mag als basis dienen. Het advies van de jeugdarts over de verkeersdeelname van de dochter is niet gericht op de voetklachten van appellante en kan het indicatieadvies niet weerleggen. Ook de podoloogverklaring en huisartsverklaring brengen geen twijfel aan het advies.
De Raad constateert dat het College in het bestreden besluit niet is ingegaan op het advies van de jeugdarts, wat een motiveringsgebrek oplevert. De rechtbank had dit niet correct beoordeeld en mocht het besluit niet op grond van artikel 6:22 Awb Pro in stand laten. De Raad vernietigt daarom het besluit en verklaart het beroep gegrond, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad het College in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit van 11 december 2008 wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het College wordt veroordeeld in de proceskosten.