ECLI:NL:CRVB:2011:BU1399
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening Wajong-uitkering ondanks beperkte concentratie- en aandachtsproblemen
Appellante, die sinds 2001 een Wajong-uitkering ontving wegens psychische klachten, kreeg haar uitkering in 2007 ingetrokken vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%. Na bezwaar werd dit aangepast naar 45-55%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad benoemde een onafhankelijke psychiater, dr. Van Duijn, die een dysthyme stoornis en een persoonlijkheidsstoornis vaststelde. Hij concludeerde dat appellante zich 20 tot 30 minuten kan concentreren en haar aandacht maximaal 30 minuten kan verdelen. De functionele mogelijkhedenlijst (FML) werd hierop aangepast. Een arbeidsdeskundige concludeerde dat de voorgehouden functies qua belasting binnen deze beperkingen passen.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig en adequaat was, en dat de rugklachten van appellante onvoldoende medisch onderbouwd waren om in aanmerking te nemen. Het hoger beroep werd afgewezen, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De herziening van de Wajong-uitkering wordt bevestigd met een arbeidsongeschiktheid van 45-55%, ondanks beperkte concentratie- en aandachtsproblemen.