ECLI:NL:CRVB:2011:BU3193
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Intrekking toeslag arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens verblijf in Turkije in strijd met EU-associatierecht
Betrokkene, een Turkse onderdaan die in Nederland een WAO-uitkering ontving, verhuisde naar Turkije en kreeg een toeslag op zijn uitkering toegekend. De Nederlandse overheid besloot deze toeslag vanaf 2000 gefaseerd af te bouwen en uiteindelijk te beëindigen vanwege het verblijf buiten Nederland. Betrokkene maakte bezwaar en startte een langdurige juridische procedure.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de toeslag moet worden aangemerkt als een invaliditeitsprestatie onder het associatierecht EU-Turkije (Besluit 3/80). Het Hof van Justitie bevestigde dat Turkse onderdanen zich rechtstreeks op dit recht kunnen beroepen, waardoor beëindiging van de toeslag wegens verblijf in Turkije niet is toegestaan.
De Raad vernietigt het besluit tot afbouw van de toeslag en bepaalt dat het Uwv de toeslag moet blijven betalen zolang betrokkene aan de voorwaarden voldoet. Tevens wordt vastgesteld dat de procedure buitenproportioneel lang heeft geduurd, wat aanleiding geeft tot heropening van het onderzoek naar een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Ten slotte veroordeelt de Raad het Uwv tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, waarbij de zaak als zeer zwaar wordt aangemerkt. De uitspraak bevestigt het belang van het associatierecht en het recht op gelijke behandeling van Turkse werknemers binnen de EU.
Uitkomst: Besluit tot afbouw en beëindiging toeslag wegens verblijf in Turkije wordt vernietigd; Uwv veroordeeld tot proceskostenvergoeding.