ECLI:NL:CRVB:2011:BU5492
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Vaststelling indicatie en tarief huishoudelijke verzorging onder Wmo
Appellante, met aandoeningen aan het bewegingsapparaat en hart- en vaatstelsel, had tot 1 januari 2007 huishoudelijke verzorging op grond van de AWBZ. Zij vroeg uitbreiding van deze zorg per 1 januari 2007 onder de Wmo, maar kreeg het pgb pas per 13 juni 2007 toegekend. Het College stelde de omvang van de zorg vast op zes uur en 45 minuten per week en het uurtarief op €12,20 vanaf 1 januari 2008.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond, maar de Raad oordeelt dat appellante terecht bezwaar maakt tegen de ingangsdatum van het pgb en het te lage uurtarief. De Raad stelt dat het pgb per 1 januari 2007 had moeten worden toegekend, omdat er geen verandering in beperkingen was en appellante reeds zorg ontving. Ook moet het uurtarief gebaseerd zijn op het tarief van €14,25 dat de gemeente met zorgaanbieders heeft afgesproken, niet op het lagere cao-loon inclusief toeslagen.
Verder oordeelt de Raad dat het College terecht geen extra tijd voor maaltijdvoorziening heeft toegekend, omdat de maaltijdvoorziening als voorliggende voorziening geldt. De besluiten op bezwaar en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken, met vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het pgb voor huishoudelijke verzorging wordt met terugwerkende kracht per 1 januari 2007 toegekend tegen een uurtarief van €14,25.