ECLI:NL:CRVB:2011:BU5616
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens vervallen procesbelang bij bijstandsverlening
Appellant had bijstand ontvangen van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest onder de voorwaarde dat hij een stuk grond zou verkopen. Na beëindiging van de bijstand per 1 februari 2009 werd het beroep van appellant tegen het bezwaarbesluit niet-ontvankelijk verklaard door de rechtbank, omdat het procesbelang was vervallen.
Appellant maakte bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring en stelde dat hij wel degelijk belang had bij de beoordeling van zijn beroep, omdat hij mogelijk in de toekomst opnieuw bijstand zal aanvragen en dan geconfronteerd kan worden met dezelfde problematiek rondom de grond en de verkoopverplichting.
De Raad overwoog dat het ontbreken van actueel belang, nu de bijstand was beëindigd en de verplichting tot verkoop geen gevolgen meer had, het beroep niet ontvankelijk maakte. Een toekomstig besluit is onzeker en vormt onvoldoende procesbelang. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het vervallen van het procesbelang na beëindiging van de bijstand.