ECLI:NL:CRVB:2011:BU6805
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- T.G.M. Simons
- D.W.M. Kaldenhoven
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep in socialezekerheidszaak afgewezen
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage. De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep eerder niet-ontvankelijk verklaard omdat geen ontvankelijke gronden waren ingediend.
Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring is namens appellante verzet ingesteld. Dit verzet is ter zitting behandeld, waarbij partijen niet zijn verschenen. De Raad heeft ambtshalve onderzocht of het verzet ontvankelijk was.
Uit de stukken blijkt dat binnen de gestelde termijn van vier weken na de uitspraak geen gronden voor het verzet zijn ingediend, noch daarna. Er zijn geen feiten of omstandigheden aangevoerd die het niet indienen van verzetgronden kunnen verklaren of rechtvaardigen.
Daarom heeft de Centrale Raad van Beroep het verzet niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de kosten van het verzet. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 2 december 2011.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van ingediende verzetgronden binnen de gestelde termijn.