ECLI:NL:CRVB:2011:BU7231
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende informatie over levensonderhoud
Betrokkene ontving bijstand van september 2006 tot maart 2009, waarna deze werd ingetrokken. Na een nieuwe aanvraag in juni 2009 weigerde het College van burgemeester en wethouders van Heerlen de bijstand vanwege onvoldoende informatie over de wijze van levensonderhoud, met name over zwart werk.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en stelde dat het recht op bijstand kon worden vastgesteld op basis van verklaringen van zijn kinderen. Het College ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, stellende dat de rechtbank de beoordelingsperiode niet correct had vastgesteld en dat onvoldoende duidelijkheid bestond over de inkomsten uit zwart werk.
De Raad oordeelt dat de rechtbank onjuist de periode van beoordeling had bepaald en dat de verklaringen onvoldoende aanknopingspunten bieden om het recht op bijstand vast te stellen. Het overzicht van werkzaamheden en inkomsten was oncontroleerbaar en incompleet. Daarom vernietigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 6 december 2011.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.