ECLI:NL:CRVB:2011:BU7425
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAZ-uitkering na zorgvuldige herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant, sinds 1991 arbeidsongeschikt verklaard, kreeg zijn WAZ-uitkering ingetrokken per 19 december 2007 door het Uwv. Na bezwaar en beroep stelde de rechtbank dat de oorspronkelijke arbeidskundige beoordeling onvoldoende was toegelicht en vernietigde het besluit, waarna het Uwv een nieuwe beslissing nam.
In hoger beroep betoogde appellant dat herbeoordeling niet mogelijk was op grond van artikel 35, zesde lid, WAZ, en betwistte hij de geschiktheid van de aan hem toegewezen functies. De Raad stelde vast dat deze bepaling niet uitsluit dat appellant wordt herbeoordeeld, maar alleen een bepaalde groep uitkeringsgerechtigden verplicht tot herbeoordeling. De Raad onderschreef de eerdere rechtbankoverwegingen en concludeerde dat de arbeidskundige schatting zorgvuldig was gemaakt.
De Raad kon in deze procedure geen aandacht besteden aan medische aspecten, omdat deze reeds onherroepelijk waren vastgesteld. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Tevens werd het door appellant betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking van de WAZ-uitkering bevestigd.