ECLI:NL:CRVB:2011:BU7744
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R.H.M. Roelofs
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor tandheelkundige implantaten wegens ontbreken medische noodzaak
Appellant, bijstandontvanger, vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van vier implantaten met kronen en een botopbouw, geschat tussen €8.000 en €9.000. Het College van B&W van Tilburg wees dit af op basis van een medisch advies van tandarts Ter Meulen, die stelde dat een frame-prothese een adequaat en goedkoper alternatief is.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de tandheelkundige behandeling noodzakelijk is en dat hij psychische klachten ondervindt door een eerder aangemeten frame-prothese. Hij bracht echter geen objectieve medische gegevens ter onderbouwing van deze stellingen in.
De Raad oordeelt dat het College terecht heeft geoordeeld dat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden die noodzakelijke kosten van het bestaan opleveren zoals bedoeld in artikel 35, eerste lid, WWB. Het advies van de tandarts is weloverwogen en voldoende onderbouwd. Het beroep van appellant wordt daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand bevestigd.