ECLI:NL:CRVB:2011:BU7768
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- O.L.H.W.I. Korte
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens ongeoorloofde afwezigheid en belemmering inschakeling arbeid
Appellant ontvangt sinds 2002 bijstand en was vanaf 2005 aangemeld bij een werktraject. Na medische klachten werd in april 2008 afgesproken dat appellant vijf dagen per week zou werken, maar hij verscheen niet regelmatig op het werk. Hierdoor werd zijn uitkering vanaf mei 2008 opgeschort. Het College verlaagde de bijstand met 10% over de periode mei tot juli 2008 wegens gedragingen die de inschakeling in arbeid belemmeren en het niet tijdig voldoen aan een oproep.
De rechtbank vernietigde het besluit voor zover het met terugwerkende kracht werd opgelegd, maar legde de maatregel alsnog op over een kortere periode. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de verzuimregistratie onbetrouwbaar was en dat dit niet ten nadele mocht strekken.
De Raad oordeelde dat het College voldoende feitelijke grondslag had voor de verlaging. De aanwezigheidslijsten waren niet volledig, maar toonden wel ongeoorloofde afwezigheid aan. Appellant had geen controleerbare gegevens overgelegd ter onderbouwing van zijn stellingen. De Raad bevestigde daarom het besluit en wees proceskosten af.
Uitkomst: De verlaging van de bijstandsuitkering met 10% over de periode van 8 mei tot 8 juli 2008 wordt bevestigd.