ECLI:NL:CRVB:2011:BU8329
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.J.M. Heijs
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking aan arbeidsintegratieonderzoek
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en werd opgeroepen voor een medisch onderzoek en een voortgangsgesprek. Hij was niet thuis tijdens een huisbezoek van de arts en verscheen zonder bericht niet op de afspraken op 14 januari 2009. Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde daarom een eenmalige verlaging van de bijstand van €400 op.
Appellant voerde aan dat hij door een conflict met zijn klantmanager niet kon verschijnen en dat het onderzoek onacceptabel was vanwege de aanwezigheid van andere medewerkers. Ook stelde hij dat de maatregel onredelijk zwaar was en dat de rechter zich nog moest uitspreken over een eerdere maatregel.
De Raad oordeelde dat appellant geen deugdelijke verklaring had voor zijn afwezigheid en dat de privacy bij het onderzoek was gewaarborgd. Het conflict met de klantmanager ontsloeg appellant niet van zijn verplichtingen. Omdat sprake was van verwijtbaar handelen, was het College gehouden de bijstand te verlagen. De hoogte van de verlaging was conform de verordening vastgesteld en er waren geen omstandigheden die een lagere verlaging rechtvaardigden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met €400 wegens onvoldoende medewerking wordt bevestigd.