ECLI:NL:CRVB:2011:BV0261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- J.N.A. Bootsma
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens niet-naleving re-integratieverplichtingen
Appellant was begin 2009 gedurende zes weken werkzaam op een werkervaringsplaats bij een schoonmaakbedrijf. Eind maart 2009 ontstond een conflict met een collega, waarna appellant niet meer in de groep kon worden gehandhaafd. Tijdens een gesprek op 16 april 2009 met de klantmanager en werkleider bleek dat appellant door zijn houding en gedrag niet meer kon terugkeren in de werkervaringsplaats.
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal besloot daarom op 20 april 2009 de bijstand van appellant met ingang van 1 mei 2009 voor vier maanden met 100% te verlagen. Het bezwaar tegen dit besluit werd op 1 juni 2010 ongegrond verklaard, mede op basis van een psychodiagnostisch onderzoek waaruit bleek dat appellant geen psychische stoornis had die verwijtbaarheid uitsloot.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het bezwaarbesluit ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij lijdt aan schizofrenie en een obsessieve-compulsieve stoornis, waardoor zijn gedragingen hem niet konden worden verweten. De Raad stelde echter vast dat het rapport van 20 april 2009 en de verklaringen van betrokkenen consistent zijn en dat er geen grond is om het College te verwijten af te zien van de maatregel. Het hoger beroep werd verworpen en de verlaging van de bijstand bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% voor vier maanden wegens niet-naleving van re-integratieverplichtingen wordt bevestigd.