ECLI:NL:CRVB:2011:BV0411
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.C. Bruning
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens langdurige ziekte en ongeschiktheid bij ambtenaar provincie Utrecht
Appellante was sinds 1979 werkzaam bij de provincie Utrecht en werd ontslagen wegens ongeschiktheid door ziekte na een periode van meer dan twee jaar ononderbroken arbeidsongeschiktheid. Het UWV kende haar een WGA-uitkering toe vanwege een arbeidsongeschiktheid van meer dan 80%. Gedeputeerde staten stelden het ontslag vast op grond van ongeschiktheid wegens ziekte en een verstoorde arbeidsverhouding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat gedeputeerde staten terecht uitgingen van de ononderbroken ongeschiktheid gedurende meer dan twee jaar, mede gebaseerd op de medische beoordeling van het UWV en de bedrijfsarts. Er was geen uitzicht op herstel binnen zes maanden na afloop van deze periode. Tevens waren de herplaatsingsinspanningen van gedeputeerde staten voldoende, ondanks beperkingen van appellante op het gebied van gedrag en samenwerking.
De Raad concludeerde dat gedeputeerde staten bevoegd waren het ontslag te verlenen op grond van ongeschiktheid wegens ziekte en dat appellante geen omstandigheden had gesteld die dit besluit onredelijk maakten. De subsidiaire ontslaggrond werd niet verder beoordeeld. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het ontslag van appellante wegens langdurige ongeschiktheid door ziekte wordt bevestigd.