ECLI:NL:CRVB:2012:BV0748
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over ingangsdatum bijstandsuitkering zonder bijzondere omstandigheden
Appellant en zijn echtgenote ontvingen bijstand van de gemeente Rotterdam tot hun verhuizing naar Roosendaal in mei 2008. Na verhuizing beëindigde Rotterdam de bijstand per 9 mei 2008. Appellant vroeg bijstand aan bij de gemeente Roosendaal en stelde zich op het standpunt dat hij zich al op 9 mei 2008 bij de CWI had gemeld, wat een eerdere ingangsdatum van de bijstand zou rechtvaardigen.
Het College van Roosendaal stelde dat appellant zich pas op 23 mei 2008 had gemeld, wat werd ondersteund door de meldingslijsten en de gang van zaken binnen de gemeente. Appellant bracht verklaringen van familieleden en een formulier in als bewijs van een eerdere melding, maar de Raad achtte deze onvoldoende betrouwbaar vanwege het late tijdstip, de familierelatie en twijfels over de authenticiteit van het formulier.
De Raad oordeelde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een afwijking van de vaste rechtspraak rechtvaardigen. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd, waarmee de bijstand niet met terugwerkende kracht werd toegekend.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard en bijstand toegekend vanaf 23 mei 2008.