ECLI:NL:CRVB:2012:BV0790
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- R. Kooper
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Omzetting suppletie-uitkering in garantie-uitkering en beëindiging uitkering bij verblijf in buitenland
Betrokkene was sinds 1992 werkzaam bij de Kamer van Koophandel Brabant en kreeg bij ontslag een vaststellingsovereenkomst met een suppletie-uitkering toegekend ter compensatie van het inkomensverschil met een nieuwe baan in Duitsland. Het bestuur zette deze suppletie-uitkering met terugwerkende kracht om in een garantie-uitkering wegens het feit dat de nieuwe baan niet als passend of volwaardig kon worden aangemerkt.
Betrokkene maakte bezwaar tegen deze omzetting en tegen de beëindiging van de garantie-uitkering omdat hij buiten Nederland verbleef. De rechtbank gaf deels gelijk aan betrokkene, maar het bestuur stelde hoger beroep in. De Raad oordeelde dat het bestuur terecht de suppletie-uitkering kon omzetten in een garantie-uitkering en dat het verblijf in het buitenland een geldige grond was voor onderbreking van de uitkering, mits met een ruime overgangstermijn.
De Raad benadrukte dat de uitkering gebaseerd is op de vaststellingsovereenkomst en dat de WW en RBUWK van overeenkomstige toepassing zijn. Het bestuur heeft voldoende rekening gehouden met het rechtszekerheidsbeginsel en de belangen van betrokkene. Het hoger beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard, en het beroep tegen het besluit tot omzetting werd verworpen. Het bestuur werd veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het bestuur mocht de suppletie-uitkering omzetten in een garantie-uitkering en de garantie-uitkering beëindigen wegens verblijf in het buitenland, met inachtneming van rechtszekerheid en overgangstermijnen.