ECLI:NL:CRVB:2012:BV2007
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- N.J.E.G. Cremers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag
Appellante heeft op 21 maart 2007 een Wajong-uitkering aangevraagd, welke door het UWV is geweigerd op grond van onvoldoende medische onderbouwing van haar beperkingen. De verzekeringsarts stelde een diagnose van vermoeidheidssyndroom, spastisch colon en migraine, maar achtte haar belastbaar voor lichte fysieke en psychische werkzaamheden.
Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die het besluit bevestigde, stelde appellante in hoger beroep dat haar klachten chronisch en consistent waren en verwees naar rapportages van medisch adviseur Kraft en een reumatoloog. De Raad overwoog dat uit de medische gegevens niet bleek dat haar vermoeidheidsklachten waren toe te schrijven aan een objectiveerbare aandoening.
De Raad vond dat de verzekeringsartsen terecht hadden geoordeeld dat appellante in de periode van haar verblijf in Engeland meer belastbaar was en dat een psychische component een rol speelde bij haar klachten. Er was geen objectieve medische onderbouwing voor een hogere mate van beperkingen na haar terugkeer. Het oordeel van de rechtbank werd bevestigd en de weigering van de Wajong-uitkering gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens onvoldoende objectieve medische grondslag.