ECLI:NL:CRVB:2012:BV2688
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep ongegrond verklaarde tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering te herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% per 3 september 2009.
De Raad heeft de gronden van appellante, die niet verder zijn onderbouwd dan in eerdere procedures, beoordeeld en onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat deze gronden niet slagen. De Raad wijst met name op het oordeel over de gevolgen van spierverstijving voor de belastbaarheid, dat door het UWV nader is gemotiveerd in medische rapporten.
Gelet op deze overwegingen verklaart de Raad het hoger beroep ongegrond en bevestigt de aangevallen uitspraak. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.