ECLI:NL:CRVB:2012:BV2753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering nabestaandenuitkering wegens ontbreken verzekering ANW bij overlijden echtgenoot
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in 2010. Haar echtgenoot had van 1965 tot 1992 in Nederland gewoond en gewerkt, maar was daarna geremigreerd naar Marokko en ontving een remigratieuitkering en een AOW-pensioen.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde de uitkering omdat de echtgenoot ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was op grond van de ANW. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat haar echtgenoot premies had betaald en zijzelf arbeidsongeschikt was zonder inkomsten.
De Raad overwoog dat verzekering onder de ANW alleen geldt voor ingezetenen of personen die in Nederland loonbelasting betalen. Omdat de echtgenoot in Marokko woonde en niet meer werkte in Nederland, was hij niet verzekerd. Ook vrijwillige verzekering of het ontvangen van een AOW-pensioen leidde niet tot verzekering. Daarnaast was er geen recht op uitkering op grond van internationale regelingen met Marokko.
De Raad concludeerde dat appellante geen recht heeft op een nabestaandenuitkering en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op een nabestaandenuitkering omdat haar echtgenoot ten tijde van overlijden niet verzekerd was krachtens de ANW.