ECLI:NL:CRVB:2012:BV3137
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake rekening houden met financiële middelen Wmo
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen verzocht om een voorlopige voorziening in hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Maastricht. De zaak betrof de vraag of de gemeente naast de bepalingen van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) eigen inkomens- of vermogensbeleid mag voeren bij het toekennen van individuele voorzieningen.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep overwoog dat de wetgever met de artikelen 15 en 19 van de Wmo een exclusief stelsel heeft ingesteld voor het rekening houden met de financiële middelen van de aanvrager. Dit betekent dat gemeenten geen ruimte hebben om daarnaast of in plaats daarvan eigen inkomens- of vermogensbeleid te voeren. Ook artikel 4, tweede lid, van de Wmo biedt hiervoor geen zelfstandige grondslag.
De voorzieningenrechter verwees naar eerdere rechtspraak van de Raad van 19 december 2011 (LJN BU7263) ter onderbouwing van dit oordeel. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en het college werd veroordeeld in de proceskosten van de betrokkene, vastgesteld op € 874,-- wegens verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en het college wordt veroordeeld in de proceskosten.