ECLI:NL:CRVB:2012:BV3869
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarin zijn beroep tegen het besluit van het UWV om niet terug te komen op de weigering van een WAO-uitkering ongegrond werd verklaard.
Het UWV had bij besluit van 16 februari 2010 gehandhaafd dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die rechtvaardigen om terug te komen op het eerdere besluit van 22 juli 1994 om appellant geen arbeidsongeschiktheidsuitkering toe te kennen.
In hoger beroep stelde appellant dat hij ziek is en recht heeft op een WAO-uitkering, maar hij bracht geen nieuwe feiten of omstandigheden aan. De Raad overwoog dat appellant geen nieuwe gronden had ingebracht en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat er geen aanleiding was het besluit te herzien.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de aangevallen uitspraak en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van een WAO-uitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.