ECLI:NL:CRVB:2012:BV3876
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag
Appellante is in hoger beroep gekomen tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar die het besluit van het UWV tot intrekking van haar WAO-uitkering per 1 november 2009 heeft bevestigd. Zij betoogt dat haar medische situatie ongewijzigd is en dat het UWV ten onrechte een urenbeperking heeft laten vervallen bij de herbeoordeling in 2007.
De rechtbank had reeds geoordeeld dat de medische beperkingen zoals vastgesteld door de verzekeringsarts juist waren en dat de arbeidskundige beoordeling het besluit tot intrekking rechtvaardigde. In hoger beroep herhaalt appellante deze gronden, maar de Raad stelt vast dat deze reeds door de rechtbank zijn beoordeeld en verworpen.
De Raad overweegt dat de brief van appellante geen nieuwe feiten of omstandigheden bevat die aanleiding geven tot herziening van het oordeel. Ook het bezwaar tegen het vervallen van de urenbeperking in 2007 wordt niet ontvankelijk geacht omdat die beoordeling niet in deze procedure aan de orde is.
Gelet op deze overwegingen bevestigt de Centrale Raad van Beroep de uitspraak van de rechtbank en wijst het beroep van appellante af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering per 1 november 2009.