ECLI:NL:CRVB:2012:BV6261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- H.C.P. Venema
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Geen vaste aanstelling na tijdelijke proeftijd als gerechtssecretaris ondanks werkzaamheden als buitengriffier
Appellante verrichtte vanaf 2004 werkzaamheden als buitengriffier en werd later tijdelijk aangesteld als gerechtssecretaris met een proeftijd. Na afloop van de proeftijd besloot het bestuur de tijdelijke aanstelling niet om te zetten in een vaste aanstelling wegens onvoldoende functioneren.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat geen vaste aanstelling van rechtswege was ontstaan, mede omdat de werkzaamheden als buitengriffier niet gelijkgesteld konden worden aan die van gerechtssecretaris. De Raad onderschrijft dit oordeel en bevestigt dat de buitengriffier niet onder Titel III van de Ambtenarenwet valt, waardoor de tijdelijke aanstelling niet automatisch overgaat in een vaste aanstelling.
Daarnaast oordeelde de Raad dat het bestuur in redelijkheid kon concluderen dat appellante niet voldeed aan de functie-eisen, ondanks dat zij voldoende gelegenheid tot verbetering had gekregen. Het subsidiaire betoog dat zij niet bekend was met de eisen voor meervoudige strafzaken werd verworpen. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De tijdelijke aanstelling van appellante als gerechtssecretaris wordt niet omgezet in een vaste aanstelling.