ECLI:NL:CRVB:2012:BV7777
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- H.A.A.G. Vermeulen
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voortzetting Appa-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig wethouder, verzocht om voortzetting van haar Appa-uitkering wegens invaliditeit na beëindiging van haar functie. Verweerder wees dit verzoek af op basis van een medische en arbeidskundige beoordeling die een arbeidsongeschiktheidspercentage van 18,7% vaststelde, onder de vereiste 25%.
De Raad oordeelde dat appellante niet ongeschikt is voor de maatgevende arbeid, namelijk de functie van wethouder/stadsdeelvoorzitter. Zowel fysieke beperkingen als psychische klachten werden onvoldoende onderbouwd om ongeschiktheid aan te nemen. De Raad verwierp het argument dat de specifieke aard van de functie tot een andere beoordeling zou moeten leiden.
Daarnaast werd de terugvordering van voorschotten gegrond verklaard en het verzoek om vergoeding van bezwaar kosten afgewezen, omdat het bezwaar niet tot herroeping van het besluit leidde. Ten slotte constateerde de Raad dat de redelijke termijn voor de procedure was overschreden en besloot het onderzoek te heropenen voor een nadere uitspraak over schadevergoeding wegens deze overschrijding, waarbij ook de Staat der Nederlanden als partij werd betrokken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de voortzetting van de Appa-uitkering wordt ongegrond verklaard, maar het onderzoek wordt heropend voor een nadere uitspraak over schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.