ECLI:NL:CRVB:2012:BV7785
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- H.A.A.G. Vermeulen
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslag politieambtenaar wegens onvoldoende bewijs plichtsverzuim
Appellant, politieambtenaar sinds 1978, werd geschorst en vervolgens ontslagen nadat zijn stiefdochter aangifte deed van seksueel misbruik. De korpsbeheerder stelde dat de seksuele handelingen, hoewel strafrechtelijk niet strafbaar, plichtsverzuim vormden vanwege de afhankelijkheidsrelatie en psychische problemen van de stiefdochter.
De appellant voerde aan dat de stiefdochter zich aan hem had opgedrongen, dat zij meerderjarig was en dat onvoldoende was onderzocht in hoeverre zij vrijwillig handelde. De Raad concludeerde dat het niet voldoende was vastgesteld dat de handelingen tegen de wil van de stiefdochter waren of dat zij door afhankelijkheid of psychische problemen haar wil niet vrij kon bepalen.
Daarmee waren de gedragingen niet aan te merken als plichtsverzuim en was het ontslagbesluit niet houdbaar. De schorsing werd echter bevestigd vanwege de aangifte en aanhouding. De Raad vernietigde het ontslagbesluit en herroept het besluit van 24 juli 2008. Tevens werden proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: Schorsing bevestigd, ontslagbesluit vernietigd wegens onvoldoende bewijs plichtsverzuim.