ECLI:NL:CRVB:2012:BV8150
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- J.J.T. van den Corput
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing eerdere toekenning aanvulling Wajong-uitkering
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat hij recht heeft op een aanvulling op zijn Wajong-uitkering met ingang van 6 oktober 2005. Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard en de rechtbank verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij door zijn medische en sociale omstandigheden niet eerder de aanvraag kon indienen en dat de aanvulling daarom eerder had moeten ingaan. De Raad overwoog dat op grond van artikel 48, eerste lid, van de Invoeringswet Stelselherziening Sociale Zekerheid (IWS) het recht op de aanvulling pas vanaf 6 oktober 2005 kan worden toegekend.
De Raad verwees naar een gelijktijdige uitspraak in een vergelijkbare zaak (11/4367 Wajong) waarin werd geoordeeld dat het recht op de uitkering niet eerder dan 6 oktober 2005 ontstaat. Gezien deze overwegingen werd het hoger beroep afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werden geen gronden gevonden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd; geen recht op eerdere aanvulling Wajong-uitkering dan 6 oktober 2005.