ECLI:NL:CRVB:2012:BV8520
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet-betaling griffierecht in hoger beroep UWV
Appellant heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep waarin zijn hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht. De Raad stelde vast dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn van vier weken was ontvangen en dat appellant dit niet met bewijs had onderbouwd.
Tijdens de zitting op 16 januari 2012 waren partijen niet aanwezig. De Raad overwoog dat de betaling van het griffierecht voor hoger beroep afzonderlijk moest plaatsvinden en dat betaling bij de rechtbank daarvoor niet volstond. Omdat appellant geen bewijsstukken overlegde die het tegendeel aannemelijk maakten, werd het verzet ongegrond verklaard.
De Raad zag geen aanleiding om appellant te veroordelen in de proceskosten van het verzet. De uitspraak werd gedaan door T.G.M. Simons, in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven, en op 27 februari 2012 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.