ECLI:NL:CRVB:2012:BV8911
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting op AOW-pensioen wegens schuldig nalatig verklaring ondanks procedurele bezwaren
Appellant is schuldig nalatig verklaard voor het niet betalen van premies over zes jaren, wat leidde tot een korting van 12% op zijn AOW-pensioen. Hij maakte bezwaar tegen deze korting, maar de Sociale verzekeringsbank (Svb) verklaarde dit bezwaar ongegrond op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank oordeelde dat de toepassing van artikel 4:6 Awb Pro onjuist was, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat tegen de eerdere besluiten geen rechtsmiddelen waren ingesteld en deze daardoor rechtens onaantastbaar waren geworden. De Raad onderschrijft dit oordeel en bevestigt dat de korting terecht is toegepast, ook gelet op het feit dat appellant destijds geen bezwaar maakte tegen de besluiten uit 1996.
Appellant voerde aan dat zijn faillissement het niet instellen van rechtsmiddelen rechtvaardigde, maar de Raad acht dit onvoldoende om de korting ongedaan te maken. De mogelijkheid tot herziening van de besluiten blijft open, mits nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd. De Raad ziet geen aanleiding om de proceskosten anders toe te wijzen.
Uitkomst: De korting van 12% op het AOW-pensioen wegens schuldig nalatig verklaring wordt bevestigd.