ECLI:NL:CRVB:2012:BW2826
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aanvraag bijstandsuitkering terecht buiten behandeling gesteld wegens onvolledige stukken
Appellant, voormalig zelfstandige wiens bedrijf failliet werd verklaard, diende op 18 januari 2010 een aanvraag in voor bijstand. Het college verzocht hem om aanvullende stukken binnen een hersteltermijn in te dienen en wees hem op de mogelijkheid tot uitstel en de consequenties van het niet tijdig aanleveren.
Appellant overhandigde weliswaar een groot aantal documenten, maar deze waren niet compleet, met name ontbraken relevante financiële gegevens zoals bankafschriften. De stelling dat stukken zich nog bij de curator bevonden, werd door de Raad verworpen, mede omdat appellant niet om verlenging van de termijn had verzocht.
Het college stelde de aanvraag daarom buiten behandeling. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel in hoger beroep. De Raad oordeelde dat het college bevoegd en redelijk heeft gehandeld en dat het hoger beroep geen grond biedt voor vernietiging van de uitspraak.
Uitkomst: De aanvraag bijstandsuitkering is terecht buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig overleggen van alle gevraagde stukken.