ECLI:NL:CRVB:2012:BW4255
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Onvoorwaardelijk ontslag wegens zeer ernstig plichtsverzuim door seksueel misbruik van ondergeschikten
Appellant, adjunct-directeur van een cultureel centrum onder de Nederlandse ambassade in Indonesië, werd beschuldigd van seksueel misbruik van bewakers die onder zijn verantwoordelijkheid vielen. Na een intern onderzoek door het beveiligingsbureau en een officieel onderzoek door de Veiligheidsdienst Buitenland, legde de minister hem onvoorwaardelijk ontslag op wegens zeer ernstig plichtsverzuim.
Appellant erkende seksuele handelingen met twee bewakers en massages door schoonmakers en bewakers, maar ontkende dat deze handelingen onder dwang plaatsvonden of dat er sprake was van een gezagsverhouding. De Raad oordeelde echter dat het initiatief volledig van appellant uitging en dat de bewakers onvrijwillig deelnamen, mede door de feitelijke gezagsverhouding en culturele context.
De Raad verwierp het verweer dat het onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en vond de opgelegde straf proportioneel gezien de ernst van het gedrag, de imagoschade voor de diplomatieke dienst en de integriteit van ambtenaren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het ontslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk ontslag van appellant wegens zeer ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.