ECLI:NL:CRVB:2012:BW4695
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen beëindiging ZW-uitkering wegens termijnoverschrijding
Appellant was ziek gemeld en ontving een Ziektewetuitkering. Op 27 november 2009 concludeerde een verzekeringsarts dat appellant vanaf 1 december 2009 weer geschikt was voor eigen arbeid, waarna het UWV de ZW-uitkering beëindigde. Appellant diende het bezwaarschrift echter pas op 21 december 2009 in, na de wettelijke termijn van twee weken.
Het UWV verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de termijn en het ontbreken van bijzondere omstandigheden die dit konden rechtvaardigen. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn depressieve toestand hem verhinderde tijdig bezwaar te maken en overhandigde medische stukken.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat zijn psychische klachten hem gedurende de relevante periode verhinderden om bezwaar te maken. De overgelegde verklaring van de psychiater betrof een latere periode en was daarom niet relevant. De Raad bevestigde de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de beëindiging van de ZW-uitkering is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verontschuldigbare omstandigheden.